De ingreep

Laatste wijziging: 06 januari 2022
 

De dag voor de ingreep

Aan een Bricker-operatie gaan één dag van voorbereiding vooraf. De opname gebeurt meestal de dag voor de operatie.
 

Wat gebeurt er de dag voor de ingreep?

  • Je maakt kennis met de verschillende artsen en verpleegkundigen, met de afdeling en jouw kamer. Je ontvangt dan ook de onthaalbrochure van de afdeling.
  • De (hoofd)verpleegkundige zal je een aantal vragen stellen over jouw medische voorgeschiedenis. Hij of zij vraagt je onder meer of je in het verleden al operaties heeft ondergaan, of je thuis medicatie neemt, ergens allergisch voor bent, een dieet volgt, …
  • Tijdens de opname worden er eventueel bijkomende onderzoeken uitgevoerd. Deze bestaan altijd uit:
    • een bloedonderzoek,
    • een onderzoek van het hart (ECG),
    • een urineonderzoek,
    • een RX-thorax (foto van de longen),
    • mogelijk aanvullende onderzoeken die de dokter voorschrijft.
  • De stomaverpleegkundige zal je een bezoek brengen. Hij of zij zal in samenspraak met de chirurg een stomaplaat en een stomazakje aanbrengen. Op die manier wil men samen met jou tot een plaatsbepaling van de stoma komen, en zo weet je hoe het dragen van een opvangzakje op de aangeduide plaats zal voelen.
  • De avond voor de operatie scheert de verpleegkundige je uitgebreid vanaf de tepels tot en met de knieën. Dit scheren is nodig om infecties na de ingreep te voorkomen.
  • Je zal een bezoek krijgen van de anesthesist. Dit is de dokter die je in slaap doet en over je waakt tijdens de operatie. Hij of zij zal al je vragen over de narcose beantwoorden.
  • Vanaf 24 uur (middernacht) moet je nuchter blijven. Dit wil zeggen dat je niet meer mag eten, drinken en roken.

 

De eerste dagen na de ingreep (postoperatief)

Na de operatie zal je gemiddeld 48 uur op de intensieve zorgenafdeling of de PACU (post anesthesia care unit, dit is een intensieve zorgenafdeling voor zwaardere operaties) moeten blijven.
 
Na de operatie heb je:
  • een pijnpomp,
  • 2 dunne slangetjes (katheters) die langs het stoma naar buiten komen.
    Deze katheters leiden de urine af van beide nieren.
  • 1 of 2 redondrains, dit zijn buisjes langs waar overtollig wondvocht zal kunnen aflopen.
  • soms een maagsonde (slang tot in de maag via de neus).

Na een 24-tal uren word je terug naar de kamer gebracht. De maagsonde, de redondrains en de pijnpomp zullen na enkele dagen verwijderd worden. De ureterkatheters (dunne slangetjes tot in de nieren) worden doorgaans op de 10de of 11de dag na de ingreep verwijderd. Je zal dagelijks spuitjes tegen flebitis krijgen. In de onmiddellijke postoperatieve periode ga je de stoma-aanleg en het functioneren van de stoma niet wezenlijk ervaren. De verpleegkundige verzorgt de stoma in deze aanvangsfase.
 

Bij de verzorging van jouw stoma gebruikt men een stomabox. Hierin bevinden zich de belangrijkste en meest gebruikte materialen, o.a.:
  • een paskaart: hiermee bepaalt men de juiste diameter van de stoma. Dit is belangrijk, anders kunnen er problemen zoals lekkage, verweking van de plaat, irritatie van de huid,... optreden,
  • een schaar met een gebogen punt om een gladde uitgeknipte ronding in de stomaplaat te bekomen,
  • een handdoek en washandje,
  • wegwerphandschoenen.

Wanneer begint de stoma te werken?

De urine zal onmiddellijk na de ingreep reeds afvloeien langs 2 fi jne buisjes (uretersondjes) die doorheen het stomazakje zichtbaar zijn.

In het begin kan de urine lichtroze tot rood gekleurd zijn. Na enkele dagen krijgt de urine zijn normale kleur terug. Het gebruikte stukje dunne darm waarop de ureters (afvoerwegen van de nieren) zijn ingeplant, is verantwoordelijk voor de slijmafscheiding in de urine. Pas na het verwijderen van de uretersondjes begint de eigenlijke verzorging van de stoma.
Responsive Image

Opvangmaterialen

Omdat de urine constant afloopt, is het belangrijk dat men een goed geplaatste beschermende huidplaat gebruikt die huidirritatie moet voorkomen. De afvloeizakjes (urostomazakjes) zijn voorzien van een anti-refluxklep (antiterugstroomklep) waardoor de urine niet kan terugstromen naar de stoma. De urostomazakjes zijn voorzien van een kraantje of afsluitklepje waarlangs u het zakje kan ledigen. Algemeen adviseren we dat je het urostomazakje leeg maakt als het voor 1/3 gevuld is. Voor de nachtrust gebruikt men meestal een aansluiting van het urostomazakje op een nachtzak met een inhoud van 2000 ml. (zie foto). Je moet dan ‘s nachts niet opstaan om het zakje leeg te maken.

Responsive Image

Verzorging

De verpleegkundige doet ’s morgens eerst de hygiënische ochtendzorg om daarna de wond- en stomaverzorging uit te voeren. Na de nodige voorbereiding (o.a. beschutting plaatsen, benodigdheden binnen het bereik leggen,...) start de verzorging. Deze wordt meestal als volgt uitgevoerd:

  • De verpleegkundige verwijdert het urostomazakje en bekijkt de stoma: kleur, vorm, niveau van de stoma. In de stoma bevinden zich de twee uretersondjes die minstens 10 dagen blijven zitten.
  • Om de twee dagen verwijdert de verpleegkundige de huidplaat. De slijmresten verwijdert hij of zij met fysiologisch water. Dit is geen ontsmettingsstof en prikt niet.
  • Vervolgens dept de verpleegkundige de huidomgeving droog. Zo kleeft de huidplaat beter. Bij het verwijderen van de plakresten mag men geen ether gebruiken, behalve petroleumether.
  • De verpleegkundige bepaalt de diameter van de stoma met behulp van het askaartje en maakt met een schaar met gebogen punt de overeenkomstige uitsnijding in de huidplaat. Vervolgens zal hij/zij met de vingers de binnenrand van de huidplaat kneden om een gladde kant te bekomen.
  • De verpleegkundige brengt de huidplaat aan rond de stoma-opening.
Responsive Image
Het urostomazakje wordt bevestigd op de huidplaat. In het urostomazakje zijn twee openingen voorzien waardoor de verpleegkundige de twee uretersondjes schuift.
Responsive Image
Met een tussenstukje sluit men het urostomazakje aan op de urineverzamelzak die op het rekje naast het bed hangt.
 
Responsive Image

De laatste dagen voor het ontslag uit het ziekenhuis

Langzaam maar zeker zal je naar je stoma durven kijken, het aanraken,... Je zal zien hoe de verpleegkundigen jouw stoma verzorgen. Indien je vragen heeft, aarzel dan niet en stel ze.
 

Wat kan je zeker in het ziekenhuis aanleren in over je eigen stomaverzorging?

  • Het klikken van het urostomazakje op de ring van de huidplaat.
  • Het afvloeikraantje openen en sluiten.
  • Het ledigen van de urineverzamelzak (nachtzak).
  • Het aansluiten van het urostomazakje op de nachtzak.

Voor ontslag zal de stomaverpleegkundige zeker nog bij je langskomen om alle belangrijke praktische punten met jou persoonlijk door te nemen. Eenmaal thuis zal jij je stoma zelf verzorgen. Je kunt dit ook samen met je partner doen of de verzorging aan een thuisverpleegkundige overlaten. De thuisverpleegkundige zal je verder aanleren hoe je de verzorging doet aan de hand van een verzorgingsschema. Meestal zal je gedurende een tweetal weken verder de spuitjes tegen flebitis moeten krijgen. Dit gebeurt in overleg met jouw behandeld uroloog en de huisarts.